| samen sterk in arbeidsrecht

© 2020 Sprengers Advocaten
Website door: New Fountain

Het advies van de OR: Wanneer en waarover?

Art. 25 lid 1 WOR noemt 13 onderwerpen waarover advies moet worden gevraagd. En 12 keer staat er dat alleen advies moet worden gevraagd als er sprake is van een belangrijk besluit.

Belangrijk?

Het kan lastig zijn om te bepalen wanneer er sprake is van een belangrijk besluit. Het begrip is in de WOR niet gedefinieerd. Het gaat er niet omof de or het als belangrijk ervaart, maar of het objectief gezien als belangrijk is te beschouwen. Indien bestuurder en or hierover van mening verschillen, kan de vraag worden voorgelegd aan de Ondernemingskamer of kantonrechter. Die zal dan moeten beoordelen of er sprake is van een belangrijk besluit. Uit de rechtspraak zijn criteria af te leiden die daarbij worden gehanteerd:

– Het aantal personeelsleden waarvoor het besluit gevolgen heeft. Het kan gaan om directe gevolgen, zoals het aantal door een reorganisatie getroffen personeelsleden, maar ook om indirecte gevolgen. Zo is de wijziging van een driehoofdige naar een eenhoofdige directie niet (alleen) belangrijk vanwege het aantal personeelsleden die het direct betreft, maar ook vanwege de indirecte gevolgen voor de onder de directie vallende werknemers.

-De aard van de personele gevolgen. Wanneer een besluit gepaard gaat met gedwongen ontslagen, is de kans groot dat de Ondernemingskamer dit als een belangrijk besluit kwalificeert. Wanneer een besluit tot het opheffen van een expeditieafdeling met 8 werknemers, gepaard gaat met 3 gedwongen ontslagen, kan dat als belangrijk worden bestempeld. Gaat het om een besluit tot het inkrimpen van een afdeling met vier werknemers (25% van de afdeling) zonder gedwongen ontslag op een totaal van 6.000 binnen de onderneming werkzame personen, dan is dat besluit in beginsel niet adviesplichtig. Dat laatste kan echter anders zijn als de afdeling in geheel zou worden opgeheven. Dan dient er wel advies gevraagd te worden.

– De financiële gevolgen van het besluit. Is er sprake van een belangrijke investering, vergeleken met wat er
normaal aan investeringen plaatsvindt? Bij een meningsverschil over de vraag of een besluit al of niet belangrijk is, is het echter niet altijd nodig meteen een procedure te starten. Vaak kan in overleg tussen bestuurder en or worden afgesproken om de juridische vraag uit te stellen of iets adviesplichtig is, en te
overleggen eerst over de inhoud van het voorgenomen besluit. Als de or behoefte heeft om daarover te adviseren, kan dat worden meegenomen. Komen de partijen er in het overleg inhoudelijk niet uit, dan kan alsnog de juridische vraag worden voorgelegd aan de rechter. Daarbij is het wel van belang dat de bestuurder bereid is om niet tot uitvoering over te gaan, zolang het overleg nog loopt.

Wezenlijke invloed

Dit laatste heeft te maken met een ander vereiste: het advies moet wezenlijke invloed kunnen hebben op het te nemen besluit. Als een besluit al wordt uitgevoerd, mag duidelijk zijn dat een advies geen invloed meer kan hebben. Aan dit vereiste wordt zwaar getild in de rechtspraak. Een goed voorbeeld daarvan is de ondertekening van een intentieverklaring tussen twee ondernemingen om te gaan samenwerken.
Zo bepaalde de Hoge Raad in 1997 (in een zaak die speelde bij de NS) dat reeds vóór ondertekening van zo’n intentieverklaring advies moest worden gevraagd. Deze uitspraak toont aan dat de or al vanaf het begin aangesloten dient te worden. Voor een or kan het lastig zijn om dit moment te bepalen, maar dat geldt ook
voor een bestuurder. Een goede oplossing kan zijn om vooraf afspraken te maken over de te volgen procedure. Op grond van artikel 24 WOR is de bestuurder verplicht minimaal twee keer per jaar de or te informeren over welke advies- en instemmingsplichtige besluiten er in voorbereiding zijn. De wet schrijft ook voor dat or en bestuurder vervolgens afspraken maken over hoe de or daarbij betrokken zal worden.

Het adviesrecht van artikel 30

Artikel 30 WOR geeft de or het recht om advies te geven over het voorgenomen besluit tot het benoemen of het ontslaan van een bestuurder. Het kan verschillen welk orgaan binnen een rechtspersoon bevoegd is om een dergelijk besluit te nemen. In een B.V. worden zulke besluiten doorgaans genomen door de algemene vergadering van aandeelhouders, terwijl bij een grote onderneming vaak een Raad van Commissarissen deze besluiten neemt. In een Stichting is het meestal de Raad van Toezicht. Wie deze bevoegdheid ook heeft: dit orgaan zal dit altijd eerst ter advies aan de or moeten voorleggen. Bij voorgenomen benoemingen is bijna altijd sprake van een adviesaanvraag. Bij een voorgenomen besluit tot ontslag gebeurt dit niet zo vaak. Dit adviesrecht geldt niet indien een bestuurder zelf opstapt. Maar wanneer in overleg een vertrekregeling wordt afgesproken, is het toch vaak zo dat er eerst advies moet worden gevraagd. Er gaat dan meestal een voorgenomen besluit van de ondernemer aan vooraf, op basis waarvan het overleg met de
bestuurder wordt geopend over het vertrek. Dat betekent dat de or om advies zal moeten worden gevraagd over dat voornemen. Bij verschil van mening over wie benoemd moet worden als bestuurder, kan de rechter niet gevraagd worden om de redelijkheid van het besluit te beoordelen. Wel bestaat de mogelijkheid om, als er geen advies wordt gevraagd, dit aan de rechter voor te leggen.

Conclusie

De ondernemingsraad heeft op grond van de WOR een zwaar adviesrecht en een goede positie om invloed uit te oefenen op belangrijke bedrijfseconomische en organisatorische beslissingen. Hij moet daar ook tijdig bij betrokken worden. Ook ten aanzien de benoeming en het ontslag van de bestuurder zal de or om advies moeten worden gevraagd.

Reeks adviesrecht
1. Wanneer en waarover?
2. Hoe ziet de adviesprocedure eruit?
3. Hoe moet een advies eruitzien?
4. Procedure bij de de Ondernemingsamer

Datum
19 maart 2020

Rechtsgebied
Medezeggenschapsrecht

Advies(recht), deel 1 (van 4) in OR/magazine 2020-3, p. 26-27

De bestuurder moet de ondernemingsraad in de gelegenheid stellen om advies uit te brengen over belangrijke bedrijfseconomische en organisatorische besluiten (art. 25 WOR) en over benoeming of ontslag van de bestuurder (art. 30 WOR). Advies moet worden gevraagd op een moment dat het advies er nog toe kan doen, dus nog van wezenlijke invloed kan zijn.

In dit eerste artikel uit een reeks van vier over het adviesrecht gaan we op deze onderwerpen in.

Nieuwsbrief

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
Meer informatie