| samen sterk in arbeidsrecht

© 2021 Sprengers Advocaten
Website door: New Fountain

'Nieuwe feiten' of niet?

De OR van Mitsubishi (MTEE) heeft op 17 november 2020 positief geadviseerd over een reorganisatie. Daarbij komen veel arbeidsplaatsen te vervallen, mits wordt voldaan aan 23 voorwaarden.

Op 18 november 2020 deelt MTEE het besluit, waarin de voorwaarden van de or nagenoeg allemaal worden ingewilligd.
Op 24 november laat MTEE de or weten dat zij, afwijkend van het bestaande salarissysteem, over 2020 eenmalig geen salarisverhogingen wil toekennen.

Daartoe wordt op 8 december definitief besloten. De or gaat daartegen in beroep bij de Ondernemingskamer omdat dit nieuwe feiten en omstandigheden betreft die, als zij aan de or bekend waren geweest ten tijde van het advies, aanleiding zouden zijn geweest om anders te adviseren.

Ondernemingskamer
Om te beoordelen of beroep van de or ontvankelijk is, moet de OK onderzoeken of aannemelijk is dat MTEE reeds ten tijde van het reorganisatiebesluit wist, dat voor 2020 de nullijn zou worden gehanteerd. De ondernemer stelt, dat de General Manager Operations pas ná het reorganisatiebesluit over de jaarlijkse beoordelingsgesprekken ging praten. Die gesprekken waren nog niet gevoerd omdat het intensieve reorganisatietraject alle aandacht vroeg. Toen pas besefte het management dat het een vreemd signaal zou zijn dat een groep werknemers loonsverhoging zou krijgen, terwijl tegelijk zoveel mensen hun baan zouden verliezen. Daarna kwam het voornemen voor 2020 de nullijn te hanteren. De OK acht deze beschrijving van zaken op zich geloofwaardig. De slotsom is daarom dat de nieuwe feiten en omstandigheden zich voordeden nádat het reorganisatiebesluit is genomen naar aanleiding van het advies van de or, zodat alleen al daarom de (in artikel 26 lid 1 sub (b) WOR beschreven) grondslag voor een beroep bij de OK ontbreekt.

Commentaar
Als zich nieuwe feiten voordoen die voor de or aanleiding zouden zijn geweest een ander advies uit te brengen, dan kan de or nog binnen een maand na bekendwording van de nieuwe feiten in beroep gaan bij de OK. Uit deze beschikking blijkt dat de OK dat strikt toetst. Niet voldoende is dat aannemelijk is dat de ondernemer deze nieuwe feiten reeds eerder kende of had kunnen kennen. Vast moet komen te staan dat de ondernemer reeds voor het besluit hierover kennis had. Voor de or een moeilijke bewijspositie in veel gevallen.

Datum
11 juni 2021

Rechtsgebied
Medezeggenschapsrecht

Geplaatst in
OR Magazine (rubriek Jurisprudentie) juni 2021, p. 36-37.

Annotatie van uitspraak Ondernemingskamer 4 maart 2021, ECLI:NL:GHAMS:2021:632

Nieuwsbrief

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
Meer informatie