| samen sterk in arbeidsrecht

© 2019 Sprengers Advocaten
Maatwerk software door Way2Web

Op het snijvlak medezeggenschaps- en vennootschapsrecht

Onder die titel vond op 27 november 2014 een bijeenkomst van de Vereniging voor Arbeidsrecht plaats. Deze bijeenkomst stond in het teken van de vier proefschriften die in het academisch jaar 2013/2014 zijn verschenen, die betrekking hadden op verschillende aspecten van het medezeggenschapsrecht en het ondernemingsrecht.[1]

Het medezeggenschapsrecht is een bijzonder rechtsgebied. Het heeft elementen van het (collectief) arbeidsrecht in zich, daar waar het gaat om gevolgen voor het personeel en de (arbeidsvoorwaardelijke) regelingen. Maar het heeft veelal ook betrekking op besluiten die hun juridische basis vinden in het ondernemingsrecht, zeker als het gaat om fusies en overnames, waarbij soms ook nog grensoverschrijdende vraagstukken een rol kunnen spelen bij multinationale ondernemingen.

Van oudsher heeft het medezeggenschapsrecht de nodige aandacht in de rechtspraak, literatuur en wetenschap gekregen, juist ook omdat in dit rechtsgebied zo veel “eigenaardige” vraagstukken aan de orde komen.

Op de website van het Levenbach-Instituut[3]  is een lijst aan te treffen met de proefschriften op het terrein van het arbeidsrecht, waartoe ook het medezeggenschapsrecht gerekend wordt. Afgaand op deze lijst zijn er 222 arbeidsrechtelijke proefschriften verschenen.[4]  Daarvan hadden er 25 betrekking op het medezeggenschapsrecht, waarvan 11 een geheel of gedeeltelijke ondernemingsrechtelijke invalshoek hadden. Het is eerder voorgekomen dat 4 medezeggenschapsrechtelijke proefschriften achter elkaar zijn verschenen vanuit een ondernemingsrechtelijke invalshoek, maar dan wel in de tijdspanne van 8 jaar.[5]

Maar dat in één jaar en 4 proefschriften op het terrein van het medezeggenschapsrecht en het ondernemingsrecht verschenen zijn is een unicum. Dat is dan ook de aanleiding geweest voor de werkgroep medezeggenschap van de Vereniging voor Arbeidsrecht om een bijeenkomst te organiseren waarin een aantal onderwerpen uit deze proefschriften centraal stonden.

Uit het proefschrift van Marnix Holtzer is het thema gehaald: “economische werkelijkheid bij strategiebepaling”: hoe ver reikt de invloed van de medezeggenschap op de strategiebepaling binnen de onderneming? Is de economische werkelijkheid binnen de vennootschap bepalend of beperkend voor de invloed van de medezeggenschap? Holtzer heeft zijn opvattingen hierover naar voren gebracht, waarna Joost van Mierlo als referent daar kanttekeningen bij plaatste.

Het tweede thema was ‘sancties in medezeggenschapsrecht’ naar aanleiding van het proefschrift van Ilse Zaal. Zijn de sancties van de WOR ook te effectueren jegens de aandeelhouders? Welke (nu nog onbenutte) mogelijkheden biedt het vennootschapsrecht? Zijn veranderingen gewenst? Holtzer heeft hierop als referent gereageerd.

Het derde onderwerp ging in op ‘de vennootschapsrechtelijke kaders versies de WOR-kaders’. Dit komt naar voren in het proefschrift van Joost van Mierlo. Is de medezeggenschap een vreemde eend in het domein van het vennootschapsrecht? Is de spanning tussen medezeggenschapsrecht en het vennootschapsrecht een probleem dat aangepakt moeten worden? Op dit thema is vervolgens Laagland als referent ingegaan.

En tot slot ‘de betekenis van de Europese medezeggenschap’ gebaseerd op het proefschrift van Femke Laagland. Biedt het Europese mechanisme van overeenkomsten over de vormgeving van de medezeggenschap voldoende rechtszekerheid aan medezeggenschapsorganen bestuurder? Sluit de Europese regelingen voor medezeggenschap (bijvoorbeeld Europese vennootschap, een grensoverschrijdende fusie etc.) voldoende op elkaar aan? Op dit thema heeft Ilse Zaal als referent gereageerd.

Voorts waren in de zaal aanwezig drie promotoren, die betrokken zijn geweest bij een of meer van deze proefschriften, te weten: Prof. mr. L.G. Verburg, Prof. mr. J.H.M. Willems en R.H. van het Kaar, die zich actief in de discussie hebben gemengd.

Teruggekeken kan worden op een zeer inspirerende middag die veel stof tot nadenken heeft opgeleverd. In dit nummer van Arbeidsrecht is een weerslag terug te vinden van deze bijeenkomst in de verschillende bijdragen. Dat het medezeggenschapsrecht een bijzonder rechtsgebied is, is tijdens deze middag nog eens bevestigd. Een rechtsgebied dat zeker op het snijvlak met het ondernemingsrecht tot bijzondere vraagstukken leidt, die ook in de toekomst nog de nodige aandacht zullen krijgen.

Voetnoten:

[1] J.J.M. van Mierlo, Medezeggenschap en de spanning tussen WOR en ondernemingsrecht, Radboud Universiteit Nijmegen 2013; F. Laagland, De rol van Nederlandse werknemers(vertegenwoordigers) bij een grensoverschrijdende fusie, Radboud Universiteit Nijmegen 2013; I. Zaal, De reikwijdte van medezeggenschap, Universiteit van Amsterdam 2014; M. Holtzer, De invloed van werknemers op de strategie van de vennootschap, Universiteit Groningen 2014.
[2] Mr. L.C.J. Sprengers is advocaat te Utrecht en voorzitter van de Werkgroep Medezeggenschapsrecht van de Vereniging van Arbeidsrecht.
[3] http://levenbachinstituut.nl/index.php/oraties-en-promoties .
[4] Op de lijst staan er 221, maar het proefschrift van Marnix Holtzer staat daar nog niet bij, zodat ik dat er bij heb opgeteld.
[5] L. Timmerman, Over multinationale ondernemingen en medezeggenschap van werknemers, een ondernemingsrechtelijke studie, Universiteit Utrecht 1988; C. de Groot, Netherlands Labor and Co-determination Law in EEC Perspective, Universiteit Leiden 1990; R.H. van ’t Kaar, Medezeggenschap bij fusie en ontvlechting, Universiteit van Amsterdam 1993 en J. Roest, Medezeggenschap van werknemers bij financieel-economische besluiten met enige beschouwingen naar Duits recht, Katholieke Universiteit Nijmegen 1996.

Datum
3 maart 2015

Rechtsgebied
Medezeggenschapsrecht Ondernemingsrecht

Geplaatst in
ArbeidsRecht 2015/8 pag. 12

Nieuwsbrief

Meer informatie