| samen sterk in arbeidsrecht

© 2021 Sprengers Advocaten
Website door: New Fountain

Thuiswerken na corona

De aanleiding is niet fraai, maar dankzij de coronacrisis hebben werknemers en werkgevers met eigen ogen gezien dat uitgebreid thuiswerken heel goed mogelijk is. Waar werkgevers zich eerder niet konden voorstellen dat al het personeel thuis zou werken, werd men er nu toe gedwongen. Digitale veranderingen werden versneld doorgevoerd. Het ondenkbare werd denkbaar, medewerkers bleken thuis productief, de traditionele ontmoeting bij het koffie apparaat werd een teams meeting. En door de verminderde reisbewegingen daalde de Co2 uitstoot en de druk op het OV. De balans werk – privé werd veelal beter, maar werknemers misten ook collegiaal contact en momenten van samenwerken.

Inmiddels blijkt uit onder meer onderzoek van de FNV – waaraan 5.300 werknemers uit de financiële sector, de zakelijke dienstverlening en (gemeentelijke) overheden hebben deelgenomen – dat:

  • slechts 10% weer helemaal terug naar kantoor wil;
  • een meerderheid (70%) kantoorwerk wil combineren met thuiswerken;
  • 20% helemaal niet meer terug wil;

Inmiddels ligt er ook een initiatiefwetsvoorstel van D66 en Groen Links, genaamd Wet werken waar je wil. Deze wet moet ervoor gaan zorgen dat er een recht op thuiswerken ontstaat. De wet zal gaan gelden voor werkgevers met 10 of meer werknemers. De werknemer kan zonder onderbouwing een schriftelijk verzoek doen voor aanpassing van de arbeidsplaats. De werkgever moet tijdig reageren op het verzoek en kan dit alleen afwijzen bij zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang. De wet verplicht bovendien de werkgever om hierover met de werknemer in overleg te treden. In het wetsvoorstel wordt verder geregeld dat sociale partners ook het initiatief kunnen nemen om afspraken over flexibel werken op te nemen in cao’s. Indien er cao-afspraken worden gemaakt over de arbeidsplaats, geldt het wettelijk recht op thuiswerken niet meer voor werknemers die onder de werking van de cao vallen.

Inmiddels is er over het wetsvoorstel een internetconsultatie gehouden. Hieruit volgde dat de AWVN de wet feitelijk overbodig vindt. Volgens de werkgevers is er helemaal geen behoefte aan wettelijke regulering van het recht op thuiswerken, omdat werkgever en werknemers er in de praktijk altijd wel uitkomen. Ook de Raad van State denkt dat de initiatiefwet niet nodig is omdat er geen groot probleem is waarop de wetgever moet ingrijpen. In maart 2021 heeft demissionair minister Koolmees een advies aan de SER gevraagd over de ontwikkelingen, gevolgen en te verwachten balans van hybride werken. Dit SER-advies zal worden vertaald naar Nederlandse cao’s. De Raad van State adviseert daarom om de resultaten hiervan eerst af te wachten.

Inmiddels zijn er flink wat cao’s waar afspraken over thuiswerken in zijn opgenomen. De afspraken die je tegenkomt in cao’s zijn als volgt te categoriseren:

a. Structureel uitbreiden van de mogelijkheden om thuis te werken, bijvoorbeeld door af te spreken dat een bepaald aandeel van de werktijd thuis mag worden gewerkt.
b. Thuiswerkvergoedingen. Inmiddels is in een kleine 40 akkoorden van de 175 akkoorden die in de eerste helft van 2021 tot stand zijn gekomen een dergelijke vergoeding afgesproken. In de hoogte van de vergoeding is vrij weinig variatie. Cao-partijen volgen de norm die het Nibud in het najaar van 2020 heeft vastgesteld, namelijk 2 euro netto per dag, of gaan er iets boven zitten, zo’n 3 euro per dag.
c. Het derde type afspraken combineert een thuiswerkvergoeding met een reiskostenvergoeding in wat AWVN een waarjewerktregeling is gaan noemen.

Een voorbeeld uit de praktijk is hoofdstuk 10 van de Cao waterschappen:

‘Elke medewerker kan structureel thuiswerken, tenzij de werkzaamheden zich hier niet voor lenen’.

Volgens de cao kunnen werkgever en werknemer afspraken maken over structureel thuiswerken. De werkgever faciliteert een goede en veilige werkplek en keert een thuiswerk budget uit voor het inrichten van de werkplek cf Arbowet. De thuiswerkende werknemer ontvangt verder een dagvergoeding van 3 euro netto. De bepaling in de cao is een ruime bepaling die de medewerkers het makkelijk zal maken om thuis te kunnen werken.

Een ander voorbeeld is het Onderhandelaarsakkoord (juli 2021) van de cao voor de Provincies. Hierin staat onder meer:

Sociale partners erkennen dat de wijze van werken en de locatie waar het werk wordt uitgevoerd structureel aan het veranderen zijn. Partijen onderzoeken paritair wat door deze veranderende wijze van werken aan afspraken nodig is voor de cao 2022. Daarbij hebben zij onder andere aandacht voor de facilitering en vergoeding van kosten.

De komende tijd zal het aantal cao’s met thuiswerkbepalingen alleen maar toenemen.

In niet alle sectoren is een cao van toepassing. In dat geval zal de ondernemingsraad op ondernemingsniveau de aangewezen gesprekspartner van de ondernemer zijn wat betreft thuiswerkregelingen. Een thuiswerkregeling raakt immers diverse instemmings- en adviesplichtige onderwerpen:

  • vaststelling van arbeidstijden (27 lid sub b WOR);
  • arbeidsomstandighedenregeling (27 lid 1 sub d WOR);
  • eventueel de personeelsbeoordeling (27 lid 1 sub g WOR).
  • eventueel verplaatsing onderneming (25 lid 1 sub f WOR)
  • privacy aspecten, bijv. vanwege controle door werkgever van werknemers (27 lid 1 sub k en l WOR);

De ondernemingsraad moet kritisch beoordelen hoe de thuiswerkregeling ingrijpt op andere werknemers gerelateerde aspecten (zoals de thuiswerkvergoeding, de inrichting van de thuiswerkplek, de mobiliteitsregelingen binnen de organisatie). Dat de ondernemingsraad de thuiswerkregeling combineert met de instemming over een nieuwe mobiliteitsregeling ligt voor de hand. Het raadplegen van de achterban door de ondernemingsraad is natuurlijk erg nuttig bij dit onderwerp.

Datum
14 september 2021

Rechtsgebied
Arbeidsrecht Coronacrisis en medezeggenschap Medezeggenschapsrecht

Verschenen in Sprengers Nieuwsbrief 2.2021

Nieuwsbrief

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
Meer informatie