| samen sterk in arbeidsrecht

© 2018 Sprengers Advocaten
Maatwerk software door Way2Web

Werk van or-lid van invloed op beoordeling?

Onze or-secretaris heeft onlangs zijn beoordelingsgesprek gehad voor zijn reguliere functie van controller. Tijdens dit gesprek kwam aan de orde dat hij het afgelopen jaar niet goed zou hebben gefunctioneerd. Hij heeft tijdens dit gesprek aan de orde gesteld dat hij wegens de reorganisatie binnen ons bedrijf veel werk in het kader van zijn or-lidmaatschap heeft gehad en dat dat invloed heeft gehad op zijn gewone functie. Hij is weliswaar voor 10 uur per week vrijgesteld voor deze werkzaamheden, maar had hier bij lange na niet genoeg aan het afgelopen jaar. Hij heeft veel meer uren aan zijn or-werk moeten besteden. Hoe moet onze secretaris nu op deze slechte beoordeling reageren?

Van belang is dat op grond van artikel 21 WOR de ondernemer ervoor moet zorgen dat de leden van de ondernemingsraad niet uit hoofde van hun lidmaatschap van de or worden benadeeld in hun (reguliere) positie in de onderneming. Dit zou bijvoorbeeld aan de orde kunnen zijn als een or-lid vermoedt wegens onechte redenen (bijvoorbeeld een reorganisatie waarin nu net zijn functie komt te vervallen) te worden ontslagen, maar dat het ontslag in werkelijkheid te maken heeft met zijn or-lidmaatschap. Het is aan de kantonrechter om uiteindelijk deze benadeling te beoordelen, hetgeen niet heel eenvoudig is.

Maar in jullie geval kan het zin hebben dat jullie or-secretaris laat zien – aan de hand van bijvoorbeeld de agenda van hemzelf en van de or – dat hij meer tijd dan normaal heeft moeten besteden aan zijn or-werk. En dat dit invloed heeft gehad op zijn functioneren in zijn reguliere functie.

Het is gelet hierop ook van belang goede werkafspraken te maken met een leidinggevende over het or-werk. Zoals in dit geval het bespreken van de invloed van het or-werk op het normale van werk van controller. Dat hij dit pas bij de beoordeling aan de orde stelde, vind ik rijkelijk laat. Zodra je merkt dat je or-werk invloed heeft op je reguliere functie, raad ik aan dit direct te bespreken en te bezien of er (tijdelijk) andere werkafspraken gemaakt moeten worden. Verder is nog van belang dat de werkzaamheden van het or-werk niet in de reguliere beoordeling mogen worden betrokken. De werknemer wordt alleen beoordeeld op zijn eigen functie, en niet op de or-werkzaamheden. Als de beoordeling toch op onvoldoende blijft staan, zou ik in ieder geval bezwaar maken tegen de beoordeling, en daarbij dus het vele or-werk noemen.

In dit verband wijs ik jullie nog op het volgende. Indien iemand onvoldoende functioneert, kan hij in een uiterste geval op non actief worden gesteld. Gedurende de non-actiefstelling zoekt de werkgever – bij voorkeur in overleg met de werknemer – naar een goede oplossing. Als deze werknemer lid is van de or, mag hij niet ook voor zijn or-werk op non actief worden gesteld. Er geldt immers een strikte scheiding, zoals ik hierboven heb beschreven. De reguliere werkzaamheden moeten worden onderscheiden van de reguliere functievervulling. Een werkgever is dus niet bevoegd een or-lid van zijn werkzaamheden uit te sluiten.

Wél kan de kantonrechter een or-lid uitsluiten van alle of bepaalde werkzaamheden naar aanleiding van een verzoek van de or of de ondernemer. Een or of de (WOR) ondernemer (let op, niet de werkgever dus!) kunnen dit verzoek tot uitsluiting van een or-lid op grond van artikel 13 WOR – bij de kantonrechter indienen. Deze kan een dergelijk verzoek alleen toewijzen op grond van het feit dat het betreffende or-lid het overleg tussen or en ondernemer, dan wel de or-werkzaamheden ernstig verstoort.

Datum
18 september 2015

Rechtsgebied
Medezeggenschapsrecht

OR informatie (rubriek Gabi geeft antwoord) September 2015. nr. 9 pag. 19

Nieuwsbrief

Meer informatie